Naar huis

Ik wilde er altijd heen. Ik verheugde me erop. Het maakte niet uit welk moment van de dag het was, of ik aan het werk was, aan het sporten, aan het lachen met vriendinnen. Er kwam altijd een moment dat het tijd was en ik vertrok. Naar huis. Hoe leuk iets ook was, ik verheugde me op dat moment. Naar huis. Want thuis wachtte mijn hart op mij.

Op dagen waarop het werk tegenzat, was daar de plek waar mijn onzekerheid werd weggenomen. Na gezellige avondjes was daar de plek om alle roddels te delen, hoe geheim en vertrouwelijk ook. Daar was de plek waar ik volledig mezelf kon zijn, en compleet. Naar huis. Daar lag mijn hart.

Het gevoel is er nog steeds, het Naar huis willen. Maar Naar huis heeft niet meer dezelfde betekenis. Ik houd van mijn huis, van alle hoekjes en gaatjes ervan. Het is de plek waar ik me weer op kan laden en alleen kan zijn. Maar ik kan nooit meer Naar huis. Het hart dat me naar huis trok is weg. Ik ben ook daar incompleet. Stuk. En dat besef is er elke dag, elke keer dat het verlangen van Naar huis willen de kop op steekt.


Ik ben alleen
in een wereld vol met stilte.
En in deze wereld gevuld met leegte
wil ik alleen nog maar naar huis.

1 reacties:

Anoniem zei

Het huis moet weer je "thuis" worden, gun het de tijd. Weet wel dat je nooit "alleen" bent, wel in je huis maar nooit in de harten van heel veel mensen die ontzettend veel van je houden en er altijd voor je zullen zijn. xxx pa