Slaande ruzie over ochtend-urine

Normaal gesproken probeer ik altijd vriendelijk te zijn. Of op zijn minst beleefd. Dat lukt meestal prima. Dan knars ik op mijn tanden, knik ik wat en glimlach ik vriendelijk. Maar soms lukt dat gewoon niet. Vandaag was zo'n dag. En dat resulteerde in een bijna slaande ruzie met een doktersassistente over, jawel, ochtend-urine.

Laat me eerst stellen dat ik beter had moeten weten dan me vandaag onder de mensen te begeven.  Laat staan onder de mensen die werkzaam zijn bij mijn huisarts. Ik verdenk hem er namelijk van dat hij zijn huidige assistentes heeft aangenomen op basis van hun patiënt-onvriendelijkheid. Maar goed, ik besloot dat ik perse vandaag die controle wilde.

Dit is al één van mijn slechte weken. Deze donkere periode haalt sowieso al herinneringen naar boven die ik liever begraven laat en mijn korte opname in het ziekenhuis hielp daar niet echt bij. Dus ik liep al twee dagen rond met de behoefte om heel hard te huilen en een gruwelijke hekel aan deze hele, vreselijk oneerlijke wereld en alles en iedereen erin. De afgelopen nacht had ik ook nog eens gedroomd over Pat en het liefst had ik de rest van de dag in mijn bed doorgebracht.

Wat ik zei, ik had beter moeten weten.

Alles zou goed zijn gegaan als ze me niet eerst vijf minuten demonstratief had genegeerd, terwijl ik in mijn brandweerrode jas toch echt niet te missen ben. Dus ik had hem al flink zitten. Toch kreeg ik dat glimlachje er nog uit terwijl ik uitlegde waar ik voor kwam. Met een neerbuigende blik bleef ze me aanstaren. Daar ben ik sowieso al een beetje gevoelig voor, neerbuigende blikken. Met een chagrijnig gemompel ging ze een potje pakken waar ik in moest piesen. Ik was er toen eigenlijk al helemaal klaar mee.

Toen kwam het. Een opmerking over ochtendurine. Op zich een hele onschuldige. Maar dat toontje! En waar ik normaal gesproken op mijn tanden had gebeten en had geknikt, ging ik nu vol in discussie. Dat sloeg natuurlijk helemaal nergens op, aangezien het een complete zinloze discussie was. Ging helemaal nergens over. Ik ga hem niet eens herhalen zo zinloos. Dus we discusseerden. Over een ochtendplasje. Tot het moment waarop ze zei: "Dat moet je zelf maar weten."

Ik vind het helemaal niet erg als mensen me met "je" aanspreken. Ik doe het zelf ook heel vaak. Nog nooit in mijn hele leven heb ik me daar druk over gemaakt. Waarschijnlijk zal ik dat ook nooit meer doen. Maar nu was het de druppel. Ineens had ik de overweldigende behoefde om het mens over de balie te trekken en haar kop af te bijten. In plaats daarvan snauwde ik haar toe: "Dat moet U (met klemtoon en hoofdletter) zelf maar weten, dank u vriendelijk!" en beende ik weg met dat potje in mijn had. In eerste instantie nog met de bedoeling om hem alsnog te vullen maar onderweg naar de wc realiseerde ik me dat het verstandiger was dat ik weer terugkwam als ik was afgekoeld. Dus zonder iets te laten weten, stampte ik direct door naar mijn auto en verdween.

Was het onbeleefd? Nogal. Kinderachtig? Absoluut. Schaam ik me er een klein beetje voor? Jup. Het was niet mijn beste momentje. Verstandig om weg te lopen? Dat dan weer wel. Soms moet je weten wanneer je moet opgeven. Maar wat ik dan nog het meest vervelend vind?

Dat ik nu nog een keer terug moet komen...

0 reacties: