Een gelukkige ongelukkige vrijdag de dertiende

"Neeneeneeneeneeneeneeneenee!!"

Wanhopig graai ik naar de deur. Langzaam maar zeker zie ik de glimp die ik nog had van de gang kleiner worden.

*klik*

"Kut."

Zieligjes staar ik naar de dichte deur. Ik werp een blik opzij, naar de deur die de echte uitgang vormt van Peters appartementencomplex. Een blik op de parkeerplaats waar mijn autootje staat. Die alleen gestart kan worden met de sleutels die op hun vaste plekje hangen. Aan de kapstok. Binnen. Achter die gesloten deur. Geen brievenbus waar ik een haak door kan pielen, geen buren met een sleutel, geen ramen die openstaan.

"Kut."

Gelukkig heeft de man na een rondje bellen een snelle oplossing. Zijn moeder is thuis en die wil wel even langskomen om de deur open te maken. Nog geen tien minuten later staat ze naast me en kan ik mijn eigen sleutels mee grissen. De enige andere optie was een ritje met het openbaar vervoer naar mijn werk (wat drie keer zo lang duurt als met de auto) en hopen dat Peter 'savonds eerder thuis zou zijn (wat gezien mijn reistijd dan wel weer waarschijnlijk zou zijn geweest).

"Je weet wat voor dag het vandaag is he?"

Ja, dat weet ik. Vrijdag de dertiende.

Eenmaal op het werk, gelukkig zelfs nog op tijd, vertel ik in geuren en kleuren mijn pech van de ochtend aan collega Mara.

"Dan had je nog mazzel vanochtend. Voor hetzelfde geld had je een slotenmaker moeten bellen."

Ik kan dat alleen maar beamen.

"Je hebt gewoon een gelukkige ongeluksdag."

Ik lach en beweer niet in vrijdag de dertiende te geloven. Of je nou je nek breekt over die zwarte kat of de rode die erachteraan komt, het resultaat is hetzelfde. Je moet inderdaad niet onder een ladder doorlopen, vooral niet wanneer daar een blik verf, een emmer water of zwaar materieel op ligt, maar dat is vooral gezond verstand. Weids gebaren benadruk ik mijn punt, om prompt mijn drinken over mezelf heen te gooien. Gelukkig is het het glas water wat ik vast houd en niet de beker koffie. Ik heb een wit shirt aan.

"Zie je wel! Een gelukkige ongeluksdag."

Vlak voor lunch moet ik naar de wc. He? Ik kijk eens goed. En nog eens beter. Dan barst ik in lachen uit. Het is me nog nooit gebeurd, maar ik heb mijn onderbroek binnenstebuiten aangetrokken. Dat verklaart het gekriebel, met die strikjes aan de binnenkant. Gelukkig was het mijn onderbroek. Het had net zo goed mijn t-shirt kunnen zijn.

Tijdens de lunch vertel ik Mara:

"Ik denk dat je gelijk hebt."

Een gelukkige ongeluksdag. Check.


Meer (on)geluk:
De schoonheidsspecialiste
- Over SCHNEE!!!!
- Over geluk

0 reacties: